Een kettingbotsing kan op verschillende manieren ontstaan, wat het soms moeilijk maakt om vast te stellen wie aansprakelijk is. In sommige gevallen kunnen er meerdere bestuurders aansprakelijk zijn voor de geleden schade. In dit artikel wordt beschreven wie u aansprakelijk kunt stellen na een kettingbotsing en hoe de vergoeding van schade wordt geregeld.

Aansprakelijkheid bij kettingbotsing

Volgens artikel 6:162 BW, de onrechtmatige daad, is aansprakelijkheid in het verkeer gebaseerd op een verkeersfout van een bestuurder. Als een bestuurder een verkeersregel of wet schendt of gevaarlijk rijgedrag vertoont, dan is die bestuurder aansprakelijk voor de gevolgen. Dit geldt ook bij een kettingbotsing, waarbij één of meerdere bestuurders een verkeersfout hebben gemaakt die hebben geleid tot de botsing.

Aansprakelijkheid voor de voorste auto

Een voorste auto kan bijvoorbeeld een verkeersfout hebben gemaakt door plotseling van rijstrook te veranderen zonder richting aan te geven of zonder reden te remmen, waardoor de achterliggende auto’s hierop botsen. In dat geval kan de bestuurder van de voorste auto aansprakelijk worden gesteld voor de schade van de bestuurders in de auto’s erachter.

Bestuurders moeten echter ook voldoende afstand houden en het voertuig op tijd tot stilstand kunnen brengen. Dit staat in artikel 19 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (Rvv). Als een achterliggende bestuurder te weinig afstand houdt of niet oplet, dan is de achterliggende bestuurder aansprakelijk voor de schade van de voorliggende bestuurder(s).

Een kettingbotsing kan ook ontstaan doordat een achterste bestuurder zo hard tegen zijn voorligger aanrijdt, dat die voorligger tegen diens voorligger wordt doorgeduwd. In deze situatie is de achterste bestuurder aansprakelijk.

Discussie over aansprakelijkheid

Als u schade lijdt bij een kettingbotsing, dan is het niet altijd duidelijk wie er aansprakelijk is. Soms is het zelfs nooit meer te achterhalen, bijvoorbeeld omdat de toedracht van de kettingbotsing nooit helemaal wordt opgehelderd. Het kan ook voorkomen dat er meerdere bestuurders aansprakelijk zijn voor uw schade. U kunt alle mogelijk aansprakelijke bestuurders aansprakelijk stellen, maar die bestuurders kunnen naar elkaar wijzen als de schuldige. Dat kan veel discussie opleveren.

Gelukkig hoeft de discussie over aansprakelijkheid bij een kettingbotsing niet altijd gevoerd te worden dankzij afspraken tussen verzekeraars. Deze afspraken zijn de Bedrijfsregeling schuldloze derde en de Overeenkomst vereenvoudigde schaderegeling.

Bedrijfsregeling schuldeloze derde

De Bedrijfsregeling schuldloze derde, ook wel bedrijfsregeling 7 genoemd, zorgt ervoor dat schades niet onbehandeld blijven door een discussie over aansprakelijkheid tussen verzekeraars. De regeling voorziet in een oplossing voor de situatie waarbij verzekeraars van mening verschillen over de schuldvraag en schuldloze in- of opzittenden en schuldloze derden vertraging kunnen ondervinden in de afhandeling van hun schade. Als een passagier betrokken raakt bij een kettingbotsing en het is niet duidelijk welke bestuurder aansprakelijk is voor de schade, kan de passagier zelf kiezen welke verzekeraar hij of zij aansprakelijk stelt. De verzekeraar die als eerste wordt aangesproken, moet de schade vergoeden. Achter de schermen wordt vervolgens geregeld hoe de schade onderling wordt verdeeld. Naast deze regeling is het ook mogelijk dat elke inzittende zich voor zijn of haar schade meldt bij de verzekeraar van het voertuig waarin hij of zij zat. Hierbij wordt de aansprakelijkheidsvraag geheel verlaten.

Om een beroep te kunnen doen op de schuldloze derde regeling moeten er verschillende voorwaarden voldaan zijn. Zo moeten er meerdere voertuigen betrokken zijn bij het ongeval en moet de aansprakelijkheid nog niet erkend of vastgesteld zijn. Het slachtoffer moet als passagier of inzittende betrokken zijn bij het ongeval, geen schuld hebben aan het ongeval en het voertuig waarin of waarop het slachtoffer zat, moet verzekerd zijn bij een verzekeraar die is aangesloten bij het Verbond van Verzekeraars.

Overeenkomst Vereenvoudigde Schaderegeling

Om lange procedures te voorkomen hebben veel verzekeraars de Overeenkomst Vereenvoudigde Schaderegeling (OVS) ondertekend. Bij kettingbotsingen wordt de OVS toegepast en wordt de botsing teruggebracht tot een keten van enkelvoudige botsingen. De verzekeraar van de achteroprijdende partij betaalt de schade van de voorste partij bij elke enkelvoudige botsing. Als de OVS niet van toepassing is, bijvoorbeeld omdat de betreffende verzekeraar de OVS niet heeft ondertekend of als het Waarborgfonds Motorverkeer betrokken is, worden die enkelvoudige botsingen buiten beschouwing gelaten en worden de overige botsingen volgens de OVS afgehandeld.

Geef een reactie